Rugazi, week 2

Allereerst, voor ik het vergeet: hartelijk dank aan al die mensen die me op de een of andere manier een gelukkige verjaardag hebben gewenst! Leuk om hier in de wildernis verjaardagswensen te krijgen. Neda heeft me gisteren verwend: al van bij het ontbijt waren er pannekoeken (wat een heuse heksentoer is, hier pannekoeken bakken), en gedurende de dag heeft ze er onrechtstreeks voor gezorgd dat ons programma danig ingekort werd zodat we konden genieten van een rustig avondje met een lekker glas Waragi (de plaatselijke bananengin, al is het meer gin dan banaan) Een geslaagde dag en bovendien een verjaardag die ik niet licht zal vergeten...
Aan al degene die de heuglijke dag vergeten zijn: FOEI!!

Maar laat ik ook maar even vertellen over ons verblijf hier. Ik heb er mijn eerste emotionele moment op zitten en dat was vorige zaterdag. Een organisatie die zich inzet voor de noden van AIDS-wezen hier, had die dag uitgekozen om zijn 'leden' te verwennen. Een tweehonderdtal kindjes, van 3 tot 17 jaar, allemaal wees en bijna allemaal HIV-positief, werden een hele dag ge-entertaind, gevoed en medisch gekeurd. Wat een lieve kindjes allemaal en wat een onzekere, zelfs zeer twijfelachtige toekomst hebben ze! Het werd een fantastische dag, voor hen en voor ons, maar ergens in mijn achterhoofd blijft het hangen dat de meesten van hen hun 24e verjaardag nooit zullen vieren...

Geen nood, deze blog wordt geen waterval aan tranen. De dag erop, zondag dus, zijn Neda en ik gaan wandelen door de streek. Er was ons verteld van een luxueus resort, zo'n 6 kilometer van hier en we zouden geen verwende Westerlingen zijn of we gingen er naar toe. Een zwembad gelegen op een soort klif met uitzicht op de Rift Valley, heerlijk en overvloedig eten en drinken, prachtig weer,... U merkt het: zondag was een schitterende uitrust-dag en we hebben genoten!

De rest van de week ging tot nog toe gewoon zijn gangetje, al is het volgende nog wel de moeite van het vermelden waard. Toen we gisteren rond de middag eens een kijkje gingen nemen in het verloskwartier (je weet nooit of er toevallig geen werk te doen is), lagen daar 2 vrouwen op tafel. Elk op een aparte tafel natuurlijk, maar in gynaecologische houding broederlijk naast elkaar. Menselijk geluk en leed waren nog nooit zo dicht bijeen: de ene vrouw had een abortus, de ander kreeg een gezond kind. Onmiddellijk na de geboorte van het kindje, moest de kersverse moeder weg om plaats te maken voor een volgende bevalling. Hup, van de tafel en al steunend naar haar kraambed. 't Is soms echt te gek voor woorden. Nood breekt wet, zegt men. Wel, de nood is hier vaak zeer hoog...

Het schijnt dat men hier niet zo ver vandaan aan het vechten is, met name in Congo. Wees gerust: wij weten hier van niks (dat is inderdaad een geruststelling) en er is hier in de verste verte geen teken van onrust of onveiligheid. 't Is maar dat u het weet.

Wat zijn de plannen? Dit weekend bezoeken we het meest bezochte national park van Oeganda: Queen Elisabeth National Park. Wederom zal ik kunnen berichten van de prachtige natuurwonderen en de wilde dieren die ik zal zien, althans dat hoop ik toch. En als afsluiter nog een klein detail voor de ornithologen onder ons: de zwaluwen, die in Belgie nu al een hele poos vertrokken zijn, zijn hier gisteren aangekomen en zijn nu druk bezig met een nestje te bouwen, vlak onder ons raam. Grappig he?

Vele groeten uit Oeganda en tot blogs!

Een update

Sinds vorige week is er heel wat gebeurd, heel veel nieuws te vertellen dus! Waar zal ik beginnen? Misschien best bij vorig weekend…
Zaterdagnamiddag was een prachtige, zonnige, warme dag. Aldus besloten Neda, dr. Kantosh en ik om het befaamde ‘Lake View Hotel’ te gaan bezoeken. Er is daar namelijk een zwembad en heel lekker eten en het fijne is dat ook niet-gasten daar kunnen van genieten. Een kleine extra bijdrage voor het gebruik van het zwembad en hop, het water in! Nodeloos om te zeggen dat het erg leuk was. Ook present was de vice-president van Uganda met heel zijn gevolg. Blijkt dat zijn dochter gaat trouwen met een Mbararees en dat moet natuurlijk gevierd worden. Belachelijk decadent als je de grauwe armoede in sommige dorpjes hier ziet, maar daar trekt meneer zich niets van aan. Men zou hier beter niet de ‘mzungus’ om geld vragen, maar eisen dat de eigen leiders wat meer rechtvaardigheid in de maatschappij brengen…
Dat brengt mij overigens naadloos bij het volgende onderwerp: ‘mzungu’. Het woord betekent gewoon ‘blanke’ en overal, letterlijk overal, wordt het naar je geroepen. Meestal is het goed bedoeld en loopt een hele school vol kinderen letterlijk leeg om naar de mzungu’s te gaan kijken. Soms is het ronduit geroddel en dat is minder leuk natuurlijk. En het is een raar gevoel om puur omwille je huidskleur op te vallen. Je kan je niet voorstellen dat we in het Westen ‘zwarte’ zouden roepen naar elke gekleurde medemens! Maar zoals eerder al gezegd, het is vaak goed bedoeld en niet racistisch getint (haha, getint).

Nog zeer de moeite waard om te vermelden, is onze nieuwe woonplaats. Momenteel bevinden we ons in het Primary Health Care Center in Rugazi, een onooglijk klein dorp in west-Uganda. Als de guesthouse in Mbarara een jeugdherberg was, dan is ons logement nu een Oost-Europese barak. Reeds de eerste avond was het al prijs: de stroom viel uit. Sindsdien is ze nog 2 keer uitgevallen en het lastige is dat dit meestal ’s avonds gebeurt, net op het moment dat het eten op het vuur staat. En gezien hier alles liefst zo grondig mogelijk gekookt moet worden om darminfecties te vermijden, is dat behoorlijk ‘ambetant’. Bovendien is het water hier stromend, maar ijskoud. Het grappige is, dat men simpelweg de boiler heeft afgesloten van het water. Op de vraag waarom men zoiets zou doen, had onze vriendelijke wachter Africanus (what’s in a name?) geen antwoord. Ach, elke ochtend een koude douche, da’s ook eens een ervaring he?
Proper is het hier wel, en we hebben hier een kuisvrouw die zelfs onze afwas doet (eerlijkheidshalve moet ik zeggen dat we dit zelf niet mogen doen want we hebben geen afwasbak en het vuil water mag niet gewoon de badkamerleiding in).

De stage dan…Zoals de naam van het ‘hospitaal’ het al zegt, is dit een eerstelijnscentrum voor een heel gebied. En ‘eerstelijnser’ dan dit, vind je in de hele wereld niet! Er is 1 dokter en die heeft een meer administratieve functie. De diagnoses worden hier gesteld door het verplegend personeel. Een consult bestaat hier uit vragen wat de klacht is en vervolgens wordt koorts behandeld als malaria, buikpijn is ofwel een urineweginfectie of een maagzweer en hoest is een luchtweginfectie. Een klinisch onderzoek is niet nodig, een stethoscoop wordt niet gebruikt. Van andere diagnostische hulpmiddelen heeft men hier nog nooit gehoord. Vaak is de medicatie die men wil voorschrijven niet voorhanden, als de patiënt geld heeft kan hij dan wel in het dorp naar een privé-apotheek. Daar moet men echter wel betalen, in tegenstelling tot hier in het health center waar alle voorzieningen volledig gratis zijn.
Wat ons betreft: in de voormiddag worden we hier ‘ingezet’ op de verschillende afdelingen (er is een prenatale zorg-afdeling, een bevallingszaal, algemene raadpleging en er is een kleine hospitalisatie-afdeling voor de mensen die te ziek zijn om naar huis te gaan). De taalbarrière is hier enorm dus we moeten ons beperken tot het personeel om informatie te winnen. Maar een klinisch onderzoek is altijd mogelijk en vandaag heb ik dan ook een hele hoop zwangere dames onderzocht, wat bijzonder interessant was. Met een foetoscoop (jaja, geen echografie hier maar een simpel toetertje op de buik!) foetale harttonen beluisteren, de ligging bepalen door middel van de handgrepen van Leopold (of toch iets wat er op lijkt): basis klinische vaardigheden oefenen! De jongste vrouw was 15, de oudste 43 en dit was hun 1e en 11e zwangerschap respectievelijk…
In de namiddag dan worden we opgevangen door meneer Apuuli. Deze zeer vriendelijke en gedreven man heeft zichzelf opgeofferd om ons ‘het leven zoals het is: het Ugandese platteland’ bij te brengen. Dat houdt in dat we uren door de bananenplantages wandelen op zoek naar families die wat vragen willen beantwoorden over hoe men hier leeft en welke gezondheidszorgvoorzieningen men heeft. COPC-week in de derde wereld, daar lijkt het nog het meeste op maar ’t is interessant om te zien hoe mensen hier leven. Bovendien zijn het aangename wandelingen en heeft hij beloofd om ons naar traditionele genezers mee te nemen, ons wat toeristische attracties hier te tonen en te begeleiden op de markt en dergelijke.
Als de kinderen in de dorpjes ons zien, rennen ze zo snel als mogelijk en al lachend en gierend en brullend naar ons toe om ‘How are you?’ te roepen. Hilariteit alom als je dan antwoordt, en ze komen al helemaal niet meer bij als je antwoordt in het Runyankole, de lokale taal. Hier neergeschreven lijkt het tafereeltje grappig, schattig of nog meer van die positieve adjectieven, maar ter plaatse en na 4 uur hetzelfde liedje, is het behoorlijk vermoeiend. (Bijzonder grappig tafereeltje: een groep kindjes was aan het spelen en een aantal van hen hadden hun gezicht met stof witter gemaakt. Zo deden ze zich voor als ‘mzungu’…)
Samengevat: in tegenstelling tot in Mbarara leren we hier weinig bij op medisch gebied, maar dat is ook niet de opzet. Bedoeling is meer om te zien wat de eerstelijngezondheidszorg en het leven in Uganda inhoudt, en ik kijk mijn ogen uit…

Zo, dit is het voor vandaag en het lijkt me meer dan genoeg. Ik hoop dat jullie het wat interessant vinden al besef ik heel goed dat een simpele beschrijving onvoldoende weergeeft hoe het hier is. Maar dat vertel ik dan wel als ik terug thuis ben. Groeten!

Hete dagen in Mbarara

Pff, wat een hitte! Vandaag vlot de 30 graden bereikt en in de zon is het al helemaal om te stikken. Ze staat hier 's middags nog altijd praktisch loodrecht en dat merk je. We hopen hier allemaal stiekem op regen (wie had dat ooit gedacht?) want dan koelt het wat af. Ik vermoed dat onze gebeden zullen verhoord worden, want het heeft hier op een tweetal dagen na al steeds geregend.

Het is weeral donderdag maar een van de meest indrukwekkende gebeurtenissen in mijn nog jonge leven heeft zich zondag voorgedaan. Samen met Neda en nog 2 mensen van Mbarara zijn we de berggorilla's gaan zien. Een fantastische ervaring! Het is moeilijk te beschrijven hoe intens je de beesten aanstaart (en vice versa) terwijl je zo dicht staat dat je hen bijna kan aanraken. De dieren bekijken je ietwat verveeld maar dan duikelt plots een kleiner exemplaar op je af omdat het wat wil dollen. Een ander laat een scheet van jewelste (Tom de zijne zijn er niets tegen) terwijl de zilverrug (het opperhoofd om het maar zo te noemen) alles overziet. Je merkt het: moeilijk om een goede impressie te geven maar neem van me aan dat dit levenservaring is om nooit meer te vergeten.

Ook nog dit weekend gezien: leeuwen die in bomen klimmen (ietwat bizar maar erg grappig om te zien), olifanten die de weg kruisen (wel 10 keer zo groot als de olifanten in de zoo), aapjes die op auto's klimmen, honderden herten in een kudde, zwart-witte ijsvogeltjes, de grens met Congo en nog veel, veel meer.

Tijdens de week ging alles zijn gewone gangetje. Niet veel speciaals te melden dus in het dagelijkse leven. Volgende week vertrekken we naar het eerstelijnscentrum in Rugazi en ik ben zeer benieuwd hoe het daar zal zijn. De reacties van de mensen hier als ze horen dat we daar naar toe gaan varieren van minzaam geglimlach over 'hoe interessant!' tot gegrinnik en 'aha, Rugazi...' Spannend!

Zo, ik ga het hierbij laten. Heel veel groeten aan allen die dit lezen!

Einde week 2

De tweede week loopt stilaan op zijn einde, tijd voor een update op de blog. Beginnen bij het begin lijkt het meest aangewezen, daarom: de uitstap naar Lake Mburo National Park. Een kleine greep uit het aanbod: we zagen zebra’s, impala’s, buffels, topi’s (een soort herten), waterbokken, aapjes, een nijlpaard, reuzemieren, honderden vogeltjes waaronder Afrikaanse visarenden en nog veel meer. Is het nog nodig dat ik zeg dat het prachtig was?
In een minibusje (waarvan het dak open kon) werden we rondgereden in de Afrikaanse natuur en bovendien maakten we nog een wandeling met een ranger die ons allerlei interessante en minder interessante weetjes over het park en zijn bewoners wist te vertellen. Hij probeerde overigens ook al meteen Neda te versieren, maar dat is dus niet gelukt…
En natuurlijk, hoe kan het ook anders, kwamen we Nederlanders tegen. Ik weet niet hoe het komt, maar ze zijn echt overal (hoor het hem zeggen, de halfbloed!).
Met het weer hadden we echt geluk. Overdag was het prachtig weer met veel zon, maar niet al te warm. Toen we dan ’s avonds terugreden, braken de hemelsluizen open en het regende zoals ik nog maar zelden gezien heb. Typisch weer voor de tijd van het jaar hier, naar het schijnt.

Zeker ook het vermelden waard, is de elektriciteitsvoorziening. In het weekend probeert men stroom te besparen door overdag simpelweg de elektriciteit af te sluiten. Vooruitdenken is dus de boodschap en tegen vrijdagavond moeten we hier beginnen met water te koken, in de hoop voldoende gezuiverd water te hebben voor zaterdag- en zondagmiddag. ’s Avonds is er (meestal) wel terug elektriciteit, maar heel zeker ben je er niet van. Alles heeft te maken met een landelijk tekort aan elektriciteit in vergelijking met de vraag.
Daarnaast valt de stroom soms onaangekondigd uit. Aangenaam is anders, zeker als je net aan het koken bent (op een elektrisch vuur wel te verstaan). Hoelang de stroompanne duurt, hangt er dan maar van af. Een keer gebeurde het net op het moment dat we een prematuur kindje aan het reanimeren waren. Plots werd het donker en werkte de ventilator niet meer. Grappig hoor. Gelukkig duurde de panne slechts enkele seconden, maar het was wel even schrikken.

Oh ja, de actualiteit en nationale politiek. De kranten staan vol met corruptieschandalen, ministers die elkaar beschuldigen van smeerlapperij en politieagenten die misbruik maken van hun macht. Veel politiek is er niet aan. Museveni is nu al ongeveer 20 jaar alleenheerser en erg democratisch is het regime hier niet. Als men al geïnteresseerd is in de buitenwereld, dan betreft het voornamelijk de Amerikaanse presidentsverkiezingen en Oost-Afrikaanse regionale problemen. Dat is niet zo erg onlogisch uiteraard en zo wordt mijn kennis van dit deel van de wereld wat bijgespijkerd.

Dit weekend belooft weer super te worden. We plannen namelijk een uitstap naar Mgahinga National Park, waar de wereldberoemde en met uitsterven bedreigde berggorilla’s verblijven. En bovendien zouden we in de weg daarheen nog even stoppen in Ishasha National Park, waar de leeuwen in de bomen klimmen! Spannend hoor. Maar meer daarover later! Groeten!

De eerste week

Met grote vreugde kan ik u allen melden: de universiteit van Mbarara heeft sinds gisteren weer internet tot haar beschikking! De voorbije dagen lag het hier namelijk plat (of toch het grootste deel van de dag) en dus waren we ietwat van de gemondialiseerde buitenwereld afgesloten. Enfin, alles werkt weer naar behoren en dus volgt hier een verslag van de voorbije week.

Het belangrijkste eerst en dat is in dit geval de stage. Het aantal ondervoede kinderen is hier schrikbarend hoog, in feite is dit de eerste keer dat ik ondervoede kinderen in levende (nou ja, levend is een groot woord) lijve zie. De kindjes zien er vaak een paar weken uit of hoogstens een maand of drie maar bij navraag blijken ze dan bijna een jaar oud te zijn. Helemaal uitgedroogd met armpjes van amper 11 cm diameter, de ogen ingezonken en volledig apathisch. En anders hebben ze wel malaria of een longonsteking, al dan niet gecombineerd met een HIV-infectie. De vliegen kruipen nog net niet over hun gezichtje, maar erg veel scheelt het niet. En hoewel ze hier echt wel hun best doen, ontbreekt het hen aan diagnostische en therapeutische middelen om de kinderen te helpen. Het is een beetje dweilen met de kraan wagenwijd open...

Echter, het is hier niet al ellende wat de klok slaat! Zoals reeds eerder vermeld, zijn de huisgenoten echt wel erg leuk. Zo hebben we besloten om morgen tesamen een nationaal park te bezoeken hier in de buurt: het Mburo National Park. Het schijnt een van de mooiste parken te zijn van Uganda, dus ik hoop dat het deze belofte waarmaakt. Misschien zien we wel wat olifanten of impala's of zo. Zondag gaan we dan eens kijken naar een hotel hier in de buurt: het schijnt dat ze een zwembad hebben waar niet-hotelgasten, mits een kleine fooi, ook mogen zwemmen. Ik hoop maar dat het mooi weer is.

De studenten hier beginnen ons te kennen, en omgekeerd. Ze zijn oh zo vriendelijk maar ook wel wat verlegen precies. Nu ja, da's misschien gewoon de manier van doen want gosh, wat praten ze hier stil en langzaam! Je moet echt actief luisteren en je best doen. En ze hebben een erg grappige manier van 'ja' zeggen: een lang gerekt, diep 'hmmm' en dan enkele seconden niets. Dan denk ik dat ze me niet verstaan hebben en net op het moment dat ik mijn vraag wil herhalen, antwoorden ze heel erg stil. Zelfs simpel communiceren is anders in Afrika :-)

Het wordt hier heel donker en de donder knalt al dus ik vrees dat ik door de plenzende regen naar huis zal mogen lopen. Tot een volgende keer!